Jong Rabo spreekt zorgen uit aan bestuurders RaboBonden

RaboBonden met Jong Rabo

foto © Joni Israeli

 

In een gesprek met de bestuurders van de RaboBonden spraken collega’s van Jong Rabo hun zorgen uit over hoe de bonden omgaan met de gevolgen van de reorganisatie. Hebben zij wel voldoende oog voor de toekomst, een ijzersterke bank?

Nadruk op mensen die weggaan

‘Hoe kunnen collega’s verder bij de bank, als ze mogen blijven? We zijn enthousiast en willen dat graag vasthouden, maar is er straks wel een goede cao voor ons? Waarom willen jullie het huidige sociaal plan doorzetten?’, waren de belangrijkste vragen van de jonge Rabo’ers aan RaboBonden-bestuurders Emanuel Geurts, Roderik Mol en Fred Polhout. De twaalf Jong Rabo-collega’s aan tafel vragen zich af of het doel van de reorganisatie, een ijzersterke bank, wel bereikt wordt door in de onderhandelingen met de Rabobank eerst in te zetten op het sociaal plan. ‘Er ligt de nadruk op de mensen die weggaan. Leg je de belangen van de mensen die blijven niet naast je neer op deze manier? En zijn onze arbeidsvoorwaarden straks nog wel concurrerend, of gaan de talenten straks massaal naar de hoogste bieder?’

Zo snel mogelijk weer aan de slag

De bestuurders van de RaboBonden vertellen dat ze inderdaad ook zien hoe het huidige sociaal plan te weinig stimulansen biedt om snel een andere baan te zoeken. ‘Als je halverwege de begeleidingstermijn zit, is het financieel aantrekkelijker om die tien maanden uit te zitten. Die weeffout moet eruit, iedereen moet gestimuleerd worden om zo snel mogelijk weer aan de slag te gaan.’

Sociaal plan is eenmalige kostenpost

Het idee dat het budget voor een goede cao al vergeven is door eerst een sociaal plan uit te onderhandelen, wordt door de bestuurders van de RaboBonden ontzenuwd. ‘Het sociaal plan is een eenmalige kostenpost. De cao loopt voor een aantal jaar, dus als je daar meer aan gaat betalen, is dat een structurele uitgave.’ Wat gebeurt er als het sociaal plan niet voor 1 januari 2017 wordt verlengd?, willen de Jong Rabo’ers graag weten. ‘Dan wordt het ‘oude’ sociaal statuut weer ingeroepen, maar dat is niet helder geformuleerd. Dat wil de Rabobank ook niet, want het is nu duidelijk waar ze aan toe zijn met het sociaal plan.’

Niet in de bijstand

Bij de jonge bankiers bestaat de indruk dat collega’s die lang in dienst zijn van de bank, nu ook nog eens met een ‘goudgerande regeling’ vertrekken. ‘Mensen zitten te wachten tot ze boventallig worden en een zak geld meekrijgen. Waarom krijgt deze groep een LinkedIn-cursus? Dit is ook je eigen verantwoordelijkheid, mobiliteit is ook iets van jezelf.’ De bestuurders van de RaboBonden vinden dat het ook de verantwoordelijkheid van de bank is om mensen niet in de bijstand te laten komen. ‘Het sociaal plan is bedoeld om mensen van werk naar werk te helpen, maar mensen die niet meer aan werk kunnen komen, moeten straks genoegen nemen met een stuk minder. Van een ontslagpremie kun je echt niet met een bootje naar de Caraïben. De helft gaat naar de belasting, en van wat overblijft moeten veel mensen het tot hun pensioen doen.’

De beste mensen lopen als eerste de deur uit

Vooruitkijkend naar de cao-gesprekken spreken de jongeren uit dat het belangrijk is om na te denken over vormen van beloning, waarin collega’s voor lange termijn betrokken blijven. ‘Ik wil graag een inzetbaarheidsbudget, dat ik naar eigen inzicht kan besteden. Nu zegt je manager te vaak dat een opleiding niet functiegerelateerd is.’ Vaak is helemaal niet duidelijk welke skills er nodig zijn om over vijf of tien jaar nog relevant te zijn voor de bank. De bestuurders van de RaboBonden onderschrijven dat. ‘Iedereen moet zichzelf kunnen blijven ontwikkelen, weerbaarder worden op de arbeidsmarkt.’ Jong Rabo doet voor de onderhandelingen over de cao een ernstig beroep op de bestuurders van de RaboBonden: ‘Ik maak me ernstig zorgen over de aantrekkelijkheid van de Rabobank als werkgever. De beste mensen zullen als eerste de deur uitlopen. Doe wat in je mogelijkheden ligt om dat te voorkomen.’